Dent d’Herens – NW-wand

Dent d'Herens-022.00 Uur. Een kraakheldere sterrenhemel, we gaan! Gisterochtend om 2 uur sneeuwde het, toen weer naar bed. Elk uur daarna stonden we op om het weer te bekijken, tot 6 uur. Toen doken we definitief terug onder de dekens. Maar nu is het goed.

Na het altijd lastige ontbijt midden in de nacht stonden we om 2.45 uur buiten. De morene afdalen naar de eerste gletscher was lastig in het donker. Een grote modderdijk met allemaal dikke keien die hun eigen leven leken te leiden. Voorzichtigheid geboden dus. De met puin gedekte gletscher waren we snel over en vandaar ging het richting de eerste ijsval.

Langs sneeuwballen van 1 of 2 meter doorsnede ging het linksaf richting de Stokji. De Stokji staat op de kaart als een rotseilandje, maar het blijkt toch een echt bergje te zijn. De sneeuwcondities waren aardig en we klommen vlot door het couloir naar de “notch”, het dipje in de graat waar we doorheen konden naar de andere kant. Hierna een luchtig pasje naar rechts en een slingerpaadje leidde ons naar beneden de gletscher op. Links een waterval, rechts stijl omhoog… omhoog dus.

Boven was de gletscher vlak en we liepen eenvoudig om de Stokji heen, Daar duikt de gletscher omlaag en is er dus een spletenzone ontstaan. Hier bonden we ons in en was het goed zoeken naar de kortste weg tussen de spleten door. Een keer gleed ik uit toen ik op een vrijstaande serac sprong – een resultaat van versleten stijgijzers – maar ik redde me door mijn bijlen in het ijs te slaan en me weer op de serac te hijsen.

Zoveel mogelijk hoogte bewarend staken we over richting de volgende ijsval. Aan de rechterkant zagen we mogelijkheden en via sneeuwbruggen vonden we onze weg omhoog. Hierna kon het touw weer in de rugzak voor het laatste vlakke deel over de gletscher. Dit bekken is een van de meest afgelegen plaatsen in de Alpen. Nergens een spoor van mensen te bekennen.

De NW-wand ligt nu recht voor ons. Van onderaf is het niet te zien hoe de wand er aan toe is, we zullen steeds de beste route moeten bepalen als we hoger komen. Het begint gelijk behoorlijk stijl, zo’n 60º. Het onderste wanddeel is ongeveer 300 meter hoog en wordt steeds stijler. We buigen iets naar links af om blank ijs te omzeilen. Hierna volgt het vlakkere middelste deel van de wand. De sneeuw wordt gelijk wat dieper en het tempo gaat iets omlaag. Als ik begin aan het laatste stijle deel blijkt de sneeuw bijna heupdiep te zijn. De sneeuw lijkt nog het meest op losse piepschuimballetjes. Niet echt leuk om op te klimmen, zeker niet als je voet bij de volgende stap dieper wegzakt dan je achterste voet. Omhoog kruipen bleek nog het beste te werken. Gelukkig hielden deze condities maar een meter of 20 aan, daarna ging het weer beter.

Opeens een whoesh! Verschrikt kijken we elkaar aan. Deed jij dat? Door de sneeuwval van de afgelopen dagen zijn we bang voor een lawine, maar er gebeurt niks. Ik wil verder klimmen en til mijn voet op. Onder mijn voet zie ik een donker gat, snel klim ik verder.

We komen bij een graat uit die links naar omhoog loopt. Eerst nog sneeuw, maar steeds vaker prikken de rotsen door de sneeuw heen. Tot het gewoon gecombineerd terrein is geworden. Om de 20 meter staan op de rotsen grote beugels als standplaatsen, tekenen van mensen. Ik klim voorop aan het touw en klim van beugel naar beugel. Het touw clip ik steeds in en als het touw uit is klimmen we gelijktijdig verder tot aan de topgraat waar ik stand maar en John omhoog zeker.

Het is inmiddels zo koud geworden door de harde wind dat ik mijn donsjack onder mijn goretex heb aangetrokken. En dat in augustus! De topgraat blijkt flink verijst en er zijn cornisches. John klimt over de graat en stopt vlak voor de top. De top heeft ook cornisches en we vinden het niet vertrouwd om de top te betreden. Ik kom na en maak wat foto’s.

We seilen ab over de graat naar het bovenste sneeuwveld dat nu al een poos in de zon ligt. We vertrouwen de sneeuw nu nog minder en zoeken naar een alternatieve afdaalroute. We volgen een graatje verder omlaag en bekijken de mogelijkheid om hiervandaan af te dalen. Geen succes, terug omhoog. Dan maar zo dicht mogelijk langs de rotsen afklimmen. Op deze manier hebben we zo min mogelijk sneeuw boven ons. Op de plek van de whoesh is inmiddels een scheur van 10 meter breed in de sneeuw ontstaan. We klimmen hier ruim omheen.

Uiteindelijk staan we weer op de gletscher, opgelucht. We bekijken ons spoor van vanmorgen en zien dat er een serac overheen is gevallen. Weer kiezen we voor een andere route. Helaas lopen we vast in de ijsval en zijn gedwongen weer omhoog te klimmen, naar ons oude spoor. John plaatst een ijsschroef en we abseilen het stijlste gedeelte van de ijsval. Daar weer hoog traverseren over de gletscher. Links van ons storten seracs in maar gelukkig lopen we ruim buiten hun bereik.

Het is inmiddels donker geworden en we zijn moe. We vinden onze weg terug door de spletenzone en bereiken de Stokji. We volgen het geitenpaadje van vanmorgen, maar na 10 minuten dringt tot ons door dat we de notch al bereikt hadden moeten hebben. Zo lang was dat paadje niet. Helaas hebben de geiten meerdere paadjes gemaakt die in het schijnsel van de hoofdlampjes nog niet zo makkelijk te volgen zijn. We beginnen te dwalen en hopen snel de doorgang te vinden. In het donker bleek het echter onmogelijk te zijn, uren dwalen we rond. We worden steeds moeier, we waggelen en de afgronden worden dieper. Om 01.30 uur besluiten we tot een bivak, zonder eten, drinken en slaapzak. De anderhalve liter water is allang op, net als de snacks die we mee hadden.

Als het weer licht wordt zien we 20 meter bij ons vandaan de notch. Snel klimmen we door de zachte sneeuw naar beneden.De gletscher over en die ellendige morene weer op. Twintig minuten later zitten we uitgeput aan de chocomel met apfelstrudel.

Dent d'Herens-01
Dent d'Herens-03
Dent d'Herens-04
Dent d'Herens-05
Dent d'Herens-06
Dent d'Herens-07

Note:
De NW-wand van de Dent d’Herens staat in de gids gewaardeerd als AD/AD+, 6 tot 9 uur voor 1000 meter hoge wand. De aanloop naar de wand bedraagt ongeveer 3 uur. Door de afsmeltende gletschers is de route nu een stukje harder.

Op de foto hieronder zie je links de noordwand van de Dent d’Herens. Het rotseiland rechts is de Stokji. De NW-wand is te bereiken via het bekken in het midden van de foto.

Dent d'Herens-08